Page 26 - Code VVR 2017-2018
P. 26
Richtlijnen Deel 1 – De Code VVR • De aanbesteder verlangt van een vervoersorganisatie dat deze aantoont welke maatregelen genomen zijn om rolstoelgebruikers zo veilig mogelijk te vervoeren. Deze maatregelen moeten gericht zijn op zowel het materiaal als op de chauffeurs en andere medewerkers. De aanbesteder moet er bij de beoordeling van inschrijvingen nadrukkelijk rekening mee houden dat de aanbiedende partij de noodzakelijke “ruimte” krijgt om deze veiligheidsmaatregelen naar behoren uit te voeren. • De aanbesteder controleert op de naleving van richtlijnen (meestal bestekeisen) door aanbieders (hoofdstuk 6) en chauffeurs (hoofdstuk 7). Deze richtlijnen betreffen onder andere: o de vaardigheden en kwaliteiten van de chauffeur (controleren door bijvoorbeeld mystery-guest onderzoek of rijstijlanalyse); o het weigeren van het vervoeren van rolstoelgebruikers in rolstoelen die “niet of niet verantwoord vastzetbaar” zijn (inzittenden hiervan dienen een transfer te maken naar een reguliere zitplaats of niet te worden vervoerd); o de benodigde tijd voor het vastzetten van de rolstoel. • De aanbesteder controleert of laat controleren op de naleving van richtlijnen ten aanzien van het materiaal. Deze richtlijnen betreffen: o de juiste uitvoering van voertuigen bestemd voor het vervoeren van rolstoelgebruikers; o de gehanteerde Ribs’en *), inclusief de veiligheidsgordel(s); o de aanwezigheid van voldoende opbergruimte voor Ribs’en en andere losse hulpmiddelen. • De aanbesteder dient (in overleg met de aanbieder van vervoer) voldoende tijd te bieden voor het veilig vervoeren van de rolstoelgebruikers. Daarbij dient aandacht te zijn voor: o de tijd benodigd voor het in- en uitrijden en vastzetten van rolstoelen en rolstoelinzittenden; o de verlenging van de rittijd door aangepast rijgedrag of andere externe factoren. • De aanbesteder stelt een klachtenregeling in conform het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht, waardoor het voor rolstoelgebruikers mogelijk wordt een klacht in te dienen die betrekking heeft op de relatie rechthebbende - bestuursorgaan/zorginstelling. *) RIBS = RolstoeI Inzittende Beveiliging Systeem. 4.1.2 Kwaliteitseisen en toetsingscriteria De aanbesteder gunt het contract voor het vervoer van rolstoelgebruikers alleen aan een aanbieder van vervoer die voldoet aan bovengenoemde eisen ten aanzien van personeel en materieel. De aanbesteder ziet er op toe dat de gunninghouder de wettelijke bepalingen, de aanvullende eisen ten aanzien van personeel en het materiaal daadwerkelijk naleeft en verdere richtlijnen opvolgt. De aanbesteder ontwerpt toetsingscriteria en past deze toe. 4.2 Richtlijnen voor de aanbesteders van rolstoelen • De aanbesteder ziet toe of laat toezien op de naleving van richtlijnen voor adviseurs (zie hoofdstuk 5). • De aanbesteder neemt “veilig vervoerbare” rolstoelen op in het verstrekkingenpakket (zie bijlage B.4). • De aanbesteder verlangt dat op alle rolstoelen die in een voertuig vervoerd moeten worden duidelijk is aangegeven waar het RIBS moet worden bevestigd en dat de constructie van de rolstoel een vrije gordelloop niet mag belemmeren. (Zie bijlage B.5.4) 26 Uitgave 2017 / 2018 © Ing. A.W.Peters